Oude bekenden
vrijdag 9 januari 2009

Ik ben opgevoed met kunst en antiek, van jongs af aan. Daarbij werd een zekere tegendraadsheid aangemoedigd. Wij vonden thuis vooral dingen mooi die in die tijd (jaren tachtig en negentig) verplicht afschuwelijk dienden te worden gevonden. Zodoende waren het de Haagse School en de Pre-Rafaëlieten die bij ons de dienst uitmaakten, verder een hoop Jugendstil en soms een scheutje Art Deco. Toorop was done, van Gogh not. Verder waren wij er trots op trouwe vereerders te zijn van Anton Pieck (voor in boeken, niet voor aan de muur) en van negentiende eeuwse, academisch geschilderde ikonen (zegt de meesten van u waarschijnlijk niets, maar de kenners gruwelen bij die woorden over hun hele ruggegraat.)
Zodoende was ik er van overtuigd dat ik de meeste beroemde schilderijen die ik bewonderde nooit in werkelijkheid zou zien. Ze hingen immers in Australië en Amerika, bij de barbaarse volkeren die dit soort ontaarde kunst nog in musea hingen. Bij ons vond je daar slechts zalen vol twee meter grote blauwe polyester kurkentrekkers, draaikolken met vlooien en katoenen doeken met snot en peuken. Om echte kunst te zien moest je naar Utrecht, Amsterdam of Maastricht of liever nog naar Duitsland of Italië.
Het Groninger Museum met al zijn avant-garde tentoonstellingen was voor ons het toppunt van afgrijselijkheid. Toen ze het ook nog eens midden in de singel neerkwakten ten koste van de roeivereniging waar wij zo graag naar keken was de maat vol. Groninger museum: laat maar.
Maar de tijd houdt wel van een grapje, en soms veranderen de dingen op een zeer onvoorspelbare manier.
Zodoende zijn er uitgerekend in het Groninger museum tegenwoordig ongeveer elk jaar tentoonstellingen met juist die werken waarmee ik ben opgegroeid. Ik ga in de regel elk jaar één keer naar een museum, en de laatste vijf jaar telkens gewoon om de hoek, in Groningen.
Dit jaar is het wel helemaal frappant. Er is een overzichtstentoonstelling van de Britse schilder John William Waterhouse. Toen ik acht was las ik al sprookjesboeken met afbeeldingen van zijn werk. The Lady of Shalott, Tristram and Isolde, Hylas and the nymphs, ze staan alle vanaf mijn vroegste herinneringen op mijn netvlies gebrand.
Ergens volgende week, griep en weder dienende, sta ik weer ook in oog met heel die stoet oude bekenden.
Ik ben benieuwd!
Reageren?